Als een van acht breinen achter de nieuwe website was ik aanwezig bij de presentatie van www.utplatvorm.nl. Toen ik op de plek van bestemming arriveerde, waren er al tientallen mensen druk aan het ‘socializen’; groepjes mensen deden, terwijl ze druk met hun armen zwaaiden, alsof ze elkaars werk razend interessant vonden.

Ik bleef op een afstandje, en besloot aan de bar te gaan zitten.

‘Doe mij maar een colaatje,’ zei ik tegen de barman.

Nog voordat hij mijn bestelling goed en wel tot zich door had laten dringen, werd er op mijn schouders getikt.

‘Dag,’ zei een lange man. ‘Dus jij schrijft columns.’

‘Ja,’ zei ik. ‘Ik schrijf columns.’

‘Goedzo. Ik ben van de gemeente.’ zei de lange man. ‘Ik ga over cultuur,’ voegde hij eraan toe, alsof hij hoopte dat ik ineens ontzag voor hem zou krijgen.

‘Interessant.’ Ik wist anders ook niet wat ik moest zeggen.

Hij keek me aan.

Ik keek hem aan.

Hij knikte.
Ik knikte terug.

‘Weet jij hoe die gokkasten werken hier?’ vroeg hij in een hopeloze poging het gesprek te redden.

‘Nee. Ik mag daar volgens mij nog niet eens op spelen.’

‘Dom,’ was zijn reactie.

‘Ja, dom,’ zei ik maar.

Hij keek me aan.

Ik keek hem aan.

Hij knikte.
Ik knikte terug.

‘Lees je ook veel?’ vroeg de ambtenaar.

‘Ja, ik lees veel,’ zei ik. ‘Dat moet ook haast wel.’

‘Klopt,’ zei hij, pretenderend dat hij er verstand van had.

‘Ik heb laatst nog The Catcher In The Rye gelezen,’ zei hij, in een laatste poging het gesprek staande te houden.

‘Okee,’ zei ik. ‘Die moest ik ooit lezen van school. Maar ik kwam er niet doorheen.’

‘Vervelend,’ zei hij.

‘Ja.’

Hij keek me aan.

Ik keek hem aan.

Hij knikte.
Ik knikte terug.

‘Ik ga even die meneer daar een handje geven,’ zei de lange man. ‘Ik ben zo terug.’

‘Prima,’ zei ik en ik bestelde nog iets te drinken.

 

Lurkend aan mijn tweede glas cola zag ik de ambtenaar die meneer daar een handje geven. Hij praatte wat (waarschijnlijk over gokkasten en The Catcher In The Rye). Daarna pakte hij zijn jas, zwaaide naar die meneer daar en vertrok. Hij gunde mij niet één blik meer waardig.

‘Ambtenaren…’ verzuchtte ik tegen de barman. ‘Ik zal ze nooit begrijpen.’

Meer van en over  Toon Roumen

Kuifje