Ik zit op de markt in Sittard. De ijsblokjes tintelen in mijn glas cola. De zon steekt zo nu en dan zijn hoofd om het hoekje en verspreidt daarmee een warme gloed over de hele markt. De vrouw die recht tegenover me op een ander terras zit, geniet daarvan. Ze kijkt naar boven, elke keer als de zon door de wolken heen breekt. Ze sluit dan haar ogen, gooit haar lange blonde haar naar achter en zegt iets tegen de man naast haar, háár man vermoed ik. Een sportief type. Ik gok dat hij twee á drie keer in de week een balletje slaat bij de tennisclub. Maar ook zo’n type dat zichzelf net even iets té interessant vindt. Met van dat achterovergekamde haar tot op de schouders. Langzaam maar zeker slokt hij het biertje op dat voor hem op de tafel staat. Dan ineens knipoogt hij naar me.

Ik schrik.

Heeft hij me door? Weet hij dat ik hem bespied?
Hij knipoogt nog eens. Dan kijkt hij naar zijn vrouw, en als hij ziet dat die weer met haar hoofd naar achteren en met haar ogen dicht van de zon geniet, maakt hij snel en bijna onzichtbaar een kusbeweging met zijn mond.
Nu wordt het walgelijk, denk ik. Ik maak al aanstalten om op te staan en weg te gaan, als ik ineens doorheb dat hij niet met mij zit te flirten, maar met het meisje dat een tafeltje links van me zit. Ik kijk naar haar en begrijp waarom hij knipoogde. Een onvergetelijke schoonheid zit naast me. Als ze zich naar mij draait lijkt het me het beste om alleen even vriendelijk te knikken. Dat doe ik dan ook.
Ze knikt terug, vraagt de ober om de rekening en na betaald te hebben staat ze op en loopt ze richting de tennisser. Deze kijkt verschrikt, zijn vrouw zit immers niet meer met haar hoofd naar de zon maar is weer volledig bij bewustzijn. Een meter of twee voor de tafel van het stelletje slaat ze af, een zijweggetje in.

Ik heb nog nooit iemand zó opgelucht zien kijken.